Het nut van de sociale hulpkat, uiteenzetting van het management (Chef en Simba)

Het nut van de sociale hulpkat, uiteenzetting van het management (Chef en Simba)

Het nut van de sociale hulpkat, uiteenzetting van het management (Chef en Simba)

“Op Facebook lezen we heel veel over geleidehonden en de opleiding die deze dieren moeten volgen om de functie die zij gaan vervullen te kunnen uitvoeren. Deze opleiding kost veel geld. Daarom wordt het mensvolk verzocht door middel van "schattige" reclames om te doneren voor deze opleiding. Het is ook mogelijk en nodig, volgens die reclames, om voor een jaar een pup te adopteren en die hond zo in het eerste jaar de sociale basis mee te geven."

“Wat een gedoe Chef. Waarom denken mensen dat honden zo behulpzaam zijn? Honden hebben een opleiding nodig.”

“Precies Simba. Honden zijn domme slaafse wezens die geen eigen initiatief en inzicht hebben. Wij zijn sociale hulpkatten. Daar hebben wij geen opleiding voor nodig.”

Ochtendroutine

“Wij nemen je als lezer even mee in wat wij voor mensen kunnen betekenen. Het begint al ’s morgens. Als mens opstaat zorgen we ervoor dat ze meteen alert is. Chef loopt voor haar voeten of springt in haar nek, ik zit haar vanaf de kast of vanaf de troon, de krabpaal, aan te mauwen. Ik wil aandacht en wel nu.”

“Tijdens het ontbijt hebben we snel genoeg door wat mens nodig heeft. Soms gaan we alles doen waarvan we weten dat “nee” het antwoord is. Dan heeft ze haar ochtendgymnastiek. Soms voelen we dat mens een knuffel nodig heeft en gaan we op schoot liggen.”

“Het huishouden, dat is het moment van de dag wat wij haten. Mens zegt dat dit moet gebeuren, maar wij hebben dan vrij en doen waar we zelf zin in hebben. Meestal zit ik op het muurtje en Chef op het aanrecht.”

“Wanneer ik toch op het aanrecht zit, kan ik net zo goed zo gaan zitten dat mens door heeft dat ik er ben. Stel je voor, straks vergeet ze nog dat ik in huis woon.”

Brokjes verdienen

“Wanneer het personeel achter haar bureau gaat zitten, moeten wij eerst even rennen, daarna gaan we slapen. We blijven wel katers en hebben onze rust gewoon hard nodig.”

“Maar soms kiest een van ons beiden ervoor om bij mens op schoot te gaan liggen. Zo blijft ze ten minste rustig achter haar bureau zitten en wordt ze niet afgeleid om wat anders te gaan doen. Onze brokjes moeten ook verdiend worden.”

“Soms gaat ze bellen. Dat lijkt vreemd gedrag. Ze praat, maar wij weten niet met wie. Omdat we niet willen dat ons personeel vreemd overkomt, besluit ik, Simba, dan vaak om maar mee te praten. Ik krijg soms de opmerking dat ik me er niet mee moet bemoeien, maar dat neem ik op de koop toe. Ik weet dat in een apparaat praten gek is, dan kan ik maar net zo goed de indruk wekken dat ze met mij praat.”

Sociale controle

“Ons raam kijkt uit op de parkeerplaats. Mens ziet niet wat er buiten gebeurt. Wij zitten voor het raam en houden alles in de gaten. Wanneer we onder de bank vluchten, weet het personeel dat er IETS gebeurt. Meestal is dat de glazenwasser, maar het kan ook wat anders zijn.”

“Onze tweebenige huisgenoot hoeft ook niet te weten WAT er gebeurt. Ze is in ieder geval gewaarschuwd dat er iets aan de hand is. Dat lijkt ons meer dan voldoende. Je moet het personeel niet al te erg verwennen.”

“Als er andere mensen ons huis binnenkomen, neem ik meestal poothoogte om te groeten, behalve wanneer ik ze niet ken.”

“Ik niet. Ik haat andere mensen, tenzij ze echt vaak over de vloer komen. Dan vertrouw ik het wel en laat ik ook zien dat ik een heer met een mening ben. Als we ons alle twee laten zien, weet het personeel dat het ok is.”

“Ja Simba, wijsneus, dat kan ze zonder ons ook wel inschatten. We moeten nog even iets bedenken, hoe we het beste kunnen aangeven of onbekenden betrouwbaar zijn, zonder zelf in de problemen te komen. Eigen veiligheid eerst.”

“Daar zit wat in Chef. Maar zo stoer ben ik niet. Straks vallen die vreemde mensen mij aan. Als waakkat ben ik echt niet geschikt, dat geef ik gewoon eerlijk toe.”

“Over vreemde mensen gesproken. Ons personeel had ooit een gesprek hier in huis wat werd opgenomen. Nu wist ik niet zeker of zij dit wist. Ik besloot haar te waarschuwen. Ik rende naar de tafel, sprong erop en gaf met mijn poot een pets op het opnameapparaat. Daarna sprong ik als de gesmeerde bliksem bij mens op schoot.”

“Chef, je had mazzel dat je het apparaat niet gesloopt hebt. De mevrouw van wie het apparaatje was kon wel om je lachen, maar met dat soort acties moet je wel uitkijken. Als je de spullen van anderen sloopt worden wij niet meer gezien als sociale katers.”

“Klopt Simba, maar soms is de veiligheid van ons personeel belangrijker dan het beeld dat anderen van ons hebben, dat hoort er nu eenmaal bij.”

“Ook weer waar Chef.”

Praktische hulp

“Er zijn momenten dat ons personeel wat uit haar handen laat vallen. Wij wijzen dan aan waar het ligt. Maar voor niets gaat de zon op. Wanneer wij het gevallen voorwerp gespot hebben, moet er wel enige moeite door haar gedaan worden om haar bezittingen terug te krijgen."

“Wij willen soms ook vermaakt worden.”

“Meestal zijn het, in de ogen van mens, geen dingen die geschikt zijn voor eigenwijze huiskamertijgers, dat maakt het gevallen voorwerp extra interessant.”

Stappendoel

“Wanneer het personeel “Nee” zegt, telt dit niet voor ons. Wanneer wij ergens gaan zitten hebben we daar een goede reden voor en blijven we zitten. Dit houden we vol tot mens ons bijna te pakken heeft. Dan rennen we naar een andere verboden plek. Zo zorgen we dat ze aan haar 10.000 stappen komt.”

Extra verantwoordelijkheden

“Ik train ook de mevrouw die de zooi achter onze staart opruimt. Wanneer zij een broodje onbeheerd op tafel laat liggen, neem ik die mee. Ik had helaas geen tijd genoeg om het zakje open te maken. De mevrouw die de zooi achter onze staart opruimt ziet gewoon en is sneller dan ons personeel, als het om het terugkrijgen van haar eigendommen gaat. Ook wanneer de helderziende meneer wat eet, neem ik graag poothoogte. Eten moet je bewaken, anders is het voor de Chef. Dat houdt mensen scherp en gefocust op hun maaltijd.”

“Dat doe ik dan weer niet. Maar ik laat mensen graag geloven dat ze op het strand zijn. Dit doe ik door heel fanatiek het zand uit de bak te gooien. Er wordt wel gemopperd, maar eigenlijk zorg ik er voor dat er de kans is om het vakantiegevoel in huis te krijgen. Wat gaat er nu boven zand tussen je tenen?”

Afwezigheid van het personeel

“Het komt ook voor dat het personeel de benen neemt. Ze zegt dan “dag heren, zo terug.” Dit is het moment dat het tijd is om te kiezen. We gaan slapen, of we zetten een speurtocht uit. Als er tijd genoeg is, doen we het allebei.”

“Je denkt nu vast: “Heren dat is niet aardig!” Maar hier hebben wij een reden voor. Als onze huisgenoot binnenkomt, moet ze zeker weten dat ze thuis is. Haar eigen spullen weer opzoeken is een goede manier om te controleren of ze in het goede huis is..”

“Het komt af en toe voor dat onze speurtocht genegeerd wordt. Het personeel ploft op de bank neer met een mok thee en zegt tegen ons: "Terror en Tuig, ik zie straks wel wat jullie voor me in petto hebben." De benaming voor ons is niet aardig, maar nu weten we dat het menens is. Ze is er wel weer klaar mee. Dat is het moment waarop we met zijn tweeën  bij haar gaan liggen. Soms samen op schoot. Zelfs al vind ik Simba een etter, op dat moment is dat van ondergeschikt belang.”

“Ja Chef, op dat moment negeer ik ook even het feit dat jij de kater bent met het grootste ego. Het personeel gaat dan voor.”

De avondbrokjes

“Moe of niet, er moet gegeten worden. Tijdens het koken lukt het me soms om links van de kraan te zitten. Ik doe helemaal niets, zoals het een echte Chef betaamt. Ik kijk alleen maar. Mocht er echt actie ondernomen moeten worden, dan laat ik anderen het werk doen. Voor alleen zitten kan ik toch moeilijk straf krijgen.”

“Ik doe niets wanneer er gekookt wordt. Ik spaar mijn energie voor tijdens de maaltijd. Meestal ga ik tijdens het eten op het keukenkastje liggen. Dat is niet op het aanrecht dus ook niet verboden. Zo heb ik overzicht over de hele kamer en kan het personeel rustig eten. Ik bewaak de toko.”

“Tijdens de afwas is het tijd om de behendigheid en het reactievermogen van onze huisgenoot weer te trainen. Ik ga achter haar staan. Het is de bedoeling dat ze niet op mijn poot of staart gaat staan. Helaas voor mij lukt dit niet altijd, maar goed. Dat is het lot van de Chef.”

Vermaken van het personeel

“Na de afwas wordt er met ons gespeeld. Er wordt gedacht dat wij dat nodig hebben, maar het zit anders. Het personeel heeft het nodig om met ons te spelen. Als wij de hengel vangen, denkt ze dat ze goed bezig is.”

“Dat is ze ook. Ze traint haar armspieren. En als wij een speeltje verstoppen mag zij hem zoeken. Dit doet ze jammer genoeg niet altijd goed genoeg. Daarom dat de mevrouw die de zooi achter onze staart opruimt soms speeltjes van ons vindt. Het komt ook voor dat we onze spullen echt goed verstoppen. Dan kan niemand het vinden en komen we er vanzelf weer eens mee te voorschijn. Zo heeft mens af en toe ook een verrassing.”

Afronding van de dag

“Vlak voor we gaan slapen wordt er nog een rondje door het huis gerend en zegt de tweebenige huisgenoot de magische woorden “heren, gedraag jullie, ik heb geen zin om een afgebroken huis aan te treffen morgen vroeg.” Wij weten dan dat zij gaat slapen. Soms gaan we ook meteen slapen, soms schatten we in dat mens bij het wakker worden wel een speurtocht kan gebruiken.”

Slot conclusie

“Zo zie je, beste lezer, wij denken de hele dag aan het personeel en aan wat zij nodig heeft. Er zijn vast nog wat taken die wij zijn vergeten te vermelden.”

“Dus mensen, wordt het ook niet eens tijd dat er aandacht gevraagd wordt voor de sociale hulpkat?”

“Mee eens, Simba. Het wordt de hoogste tijd dat wij niet langer gezien worden als een stel etters, maar dat er gezien wordt dat ons gedrag een reden heeft.”

“Mensen met een geleidehond krijgen het eten voor die honden vergoed van de verzekering. Zou het niet meer dan redelijk zijn wanneer er ook een vergoeding komt voor ons eten?”

“Nee Simba. Dan gaat een volledig onbekwaam mens elk jaar bepalen of wij ons werk nog naar behoren doen.”

“Maar dat kan een buitenstaander toch niet? Die kent de regels en gebruiken van dit huishouden toch niet?”

“Precies Simba. Daarom laten we het zoals het is, maar willen we alleen aandacht voor het feit dat wij hele behulpzame sociale dieren zijn. En een stuk goedkoper dan een hulphond. Mensvolk, doe er je voordeel mee.”